Geschiedenis

In 1923 startte Coen Nolte senior een elektrotechnisch installatiebedrijf aan de Tongelresestraat in Eindhoven. Onderdeel hiervan was een werkplaats waar montagehulpstukken, schakelborden en installatiekasten werden geproduceerd voor de verschillende installatieprojecten. Na de oorlog werden in de werkplaats ook lichtmasten, metaalproducten voor Philips Telecommunicatie, de PTT en bouten en moeren voor onder andere de vliegtuigindustrie en hoogovens gemaakt.

In de vijftiger jaren werd gestart met de productie van noodverlichtingssystemen. Dit was zo’n succes dat Nolte jarenlang marktleider was op dit gebied in Nederland. Begin jaren '80 richtte Nolte EMI zich steeds meer op industriële uitbesteders. Océ werd toen een belangrijke klant, zowel voor plaatwerkonderdelen als geassembleerde printplaten.

Men besloot in 1984 de activiteit van de eigen producten af te bouwen. Enkele jaren later haakte men in op de trend van de grote uitbesteders om op moduleniveau te gaan uitbesteden op basis van raamcontracten. In 1989 nam Stork het Nolte concern over. Nolte EMI werd Stork Nolte EMT. In 1999 werd besloten de printassemblage activiteiten onder te brengen in een aparte werkmaatschappij: Stork Electronics. Het assemblage- en plaatwerkbedrijf kreeg een nieuwe naam: Stork Industrial Modules.

In 2004 werd Stork Industrial Modules overgenomen door VDL Groep en het bedrijf werkt sindsdien verder onder de naam VDL Industrial Modules.